PIETRO ROTARI IS een beroemde Italiaanse barok/rococcoschilder. Hij werkte eerst in zijn geboortestad Verona, daarna in Rome, Napels en Venetië. En telkens met grote bijval.

Pietro Rotari
Zelfportret van Pietro Rotari

In 1750 trok hij naar Wenen, Munchen en Dresden en werd een veelgevraagde portrettist. De adel en de aristocratie wensten immers te worden geportretteerd. Dat verhoogde het aanzien. En, misschien niet onbelangrijk, Pietro Rotari was zelf een graaf.
Keizerin Elizabeth I van Rusland benoemde hem uiteindelijk tot hofschilder in Sint-Petersburg – het nieuwe Byzantium– waar hij, alom gevierd, stierf in 1762. Hij schilderde veel portretten van de machtigen.


Koning Augustus III van Polen en zijn echtgenote Koningin Maria Josepha door Pietro Rotari

Gravin Anna Mikhailovna Vorontsova
Gravin Anna Mikhailovna Vorontsova door Pietro Rotari (1760)



De passies


MIJ TREFFEN VOORAL de honderden afbeeldingen van anonieme plattelandsmeisjes –af en toe een jongen– in verschillende poses, kostuums, emoties,… die Rotari en zijn studio schilderde. Hij noemde de reeks ‘zijn passies’.
Rotari is kind van de Verlichting. Hij doet een bijna wetenschappelijke poging om een inventaris te maken van menselijke emoties –het genre werd ‘zielschilderingen’ genoemd, in het Russisch ‘passies’ – ‘Настроения’.
Tegelijkertijd trachtte hij met deze portretten een overzicht te geven van nationale kostuums uit Rusland, Turkije, Polen, … als vlinders in een ‘Wunderkammer’.














Indringend


UITERAARD IS HET schilderen van portretten van alle tijden.
Pietro Rotari is gepokt en gemazeld in de klassiekers. Bij het zien van deze reeks van Pietro Rotari moest ik onmiddellijk denken aan bijvoorbeeld Vermeers ‘Meisje met de parel’, en aan Michael Sweerts, Rembrandt, en vele anderen.


Rotari in de geschiedenis
Juan de Flandes (1496), Bronzino (1545), Rembrandt (1641), Michael Sweerts (1658). Tweede rij: Vermeer (1665), Liotard (1756), Joshua Reynolds (1771), Friedrich Amerling (1838).

Ook Baltus zijn schilderij ‘Thérèse rêvant’ schoot me onmiddellijk te binnen, maar meer om inhoudelijke redenen.


Thérèse rêvant
Baltus, Thérèse rêvant, 1938

Ook Baltus schilderde jonge meisjes. De onschuld verloren aan de adolescentie. Zijn portretten worden nog altijd bestempeld als dubbelzinnige, aanstootgevende schilderijen van een pedofiele schilder. Een beetje zoals Oscar Wilde zei: “A bad man is the sort of man who admires innocence.” Baltus moet dan wel een zeer slechte man geweest zijn. Nog drie jaar geleden was er een petitie tegen het tentoonstellen van dit schilderij in het Metropolitan Museum of Art in New York. “It's a lurid, voyeuristic perspective which views the subject as a sexual object.”, schreef een ondertekenaar van de petitie. Zelf vond Baltus overigens dat het aanstootgevende karakter in het hoofd van de kijker zit.


Ook een fotoreeks van Patrick Marchal kwam me voor de geest. Onderwerp waren kinderen, vooral meisjes, van 8 tot 12 jaar fotografisch vastlegde in indringende portretten, net voor het wakker worden: de puberteit is in aantocht.



Voor mij verblijven de meeste meisjes van Rotari al aan ‘de andere kant’, zelfbewust van hun aantrekkingskracht, maar nog niet het onheil beseffend dat hen (meestal) te wachten staat.


Het Kabinet van Modes en Gratiën


NA HET OVERLIJDEN van Pietro Rotari in 1762 kocht Catharina De Grote alle onverkochte schilderijen van de weduwe van Rotari en gebruikte ze om een van de kamers van het Grote Paleis (het Zomerpaleis) in het Peterhof te versieren: ‘het Kabinet van Modes en Gratiën’. 328 portretten van Rotari en zijn studio versieren er de muren van boven tot onder, kader tegen kader, alsof het een contactsheet is van een of andere modellenbureau.



Maar Pietro Rotari dreigt te verdwijnen in de coulissen van de kunstgeschiedenis. De blog Ce Glob est Plat publiceert in 2018 volgend interessant stukje:
”De mode [van de emoties…] is niet meer. Het is vandaag moeilijk om de passies [nvpv: van Rotari] te zien. Musea die schilderijen van Pietro Rotari in bezit hebben, tonen ze zelden. Het Rijksmuseum heeft er 2; de National Gallery of Art van Washington heeft er drie; de Alte Pinakothek te Munchen heeft er zes; de Norton Simon Museum de Pasadena in Californie heeft er acht. Geen enkel van deze schilderijen wordt permanent tentoongesteld. Het museum van Dresden dat een 20-tal Rotari's in bezit heeft (waaronder portretten van mannen en adel) toont er maar enkele, en dan wellicht nog de koningen (de website is niet duidelijk hierover). De 386 passies van Peterhof zijn lange tijd onzichtbaar geweest. Ze werden in 1941 weggehaald voor de invasie van Hitler en zijn leger […] De zaal is pas sinds 2013 terug in ere hersteld en toegankelijk.”


Ik vind het boeiende werken van een uitstekende kunstenaar.



Nog even dit


De foto's van Patrick Marchal werden me door de fotograaf toegestuurd op 26 januari 2021. We hebben ze dezelfde dag nog toegevoegd aan de bijdrage.